De familie Asselberghs: stoom in het bloed
Leuk weetje: de oprichter van het Spoorwegmuseum heeft in Helmond gewoond. En zijn dochter – later óók directeur van het Spoorwegmuseum – is er geboren. Tijd om kennis te maken met de familie Asselberghs.

We starten in 1853 in Loobeek / Smakt, gemeente Venray. Molenaar Jan Jacob Asselberghs woont met zijn vrouw in de Loobeekse watermolen. Op 5 juni 1853 wordt hun eerste kind geboren: Peter (voluit Petrus Johannus Victor). Jan Jacob was een echte pionier; in 1857 vroeg hij zelfs bij de Koning een vergunning aan om een stoommachine in de molen te plaatsen. Was dat het moment waarop de vonk van stoom oversloeg op zijn zoon?

Peter kiest in 1881 voor het spoor en gaat aan de slag bij de Staatsspoorwegen. In mei 1883 wordt hij de allereerste stationschef van het nieuwe station Grubbenvorst–Lottum aan de Maaslijn Nijmegen–Venlo. Twee jaar later trouwt hij met Anna Catharina Antonetta Zanders. Het stel woont en werkt tot aan Peters pensioen op 1 juli 1914 op station Lottum, krijgt sámen zes kinderen. Peter overlijdt in 1916, Anna in 1931.

Op 19 februari 1887 wordt hun oudste kind geboren: Johannes Jacobus Matheus Henri Marie – kortweg Henri. Treinen spelen een hoofdrol in zijn jeugd, maar vader Peter probeert het nog even anders: eerst naar het gymnasium in Venlo. Dag in, dag uit twee uur lopen langs de spoorlijn, vier jaar lang. Toch wint het spoor. Op 17 september 1906 treedt Henri in dienst bij de Staatsspoorwegen, als surnumerair (een soort invalkracht) op station Vlake.
Henri op reis: van Vlake tot Utrecht
In tegenstelling tot zijn vader is Henri géén man van één standplaats. Na Vlake volgt een reeks posten: Nuenen (1907), Esschen (1909), Oisterwijk (1914), Helmond (1916) en opnieuw Esschen (1920). In 1925 maakt hij de overstap naar het hoofdkantoor van de spoorwegen in Utrecht.


Na een half jaar behaalt Henri zijn diploma als klerk-telegrafist 3e klasse en krijgt hij een vast dienstverband per 17 maart 1907: standplaats Nuenen-Tongerle. Op 30 maart wordt hij ingeschreven als inwoner van Nuenen (Eeneind C 263).
